Drones: ogen in de lucht tijdens natuurbranden
Vier dagen achter elkaar zijn Martijn en Wilbert in touw. Na een brand op de Veluwe (woensdag 29 april, ’t Harde) volgen snel nieuwe meldingen: de Oirschotse Heide, het bosgebied tussen Helden en Kessel en de Weerterheide (donderdag 30 april). De branden volgen elkaar zo snel op dat het als één lange inzet aanvoelt. “De schaal en intensiteit heb ik nog niet eerder meegemaakt”, zegt Martijn, die inmiddels 2,5 jaar dronepiloot is. Op meerdere locaties ondersteunen helikopters bij het blussen.
Overzicht vanuit de lucht
Vanuit de lucht is goed te zien hoe de brand zich ontwikkelt, waar hotspots zitten en waar de eenheden zich bevinden. De drones leveren continu live informatie aan - de alleen in Brabant-Zuid-Oost nog gebruikte - Verbindingscommando Wagen. Vervolgens gaat de interpretatie naar het CoPI (Commando Plaats Incident) voor het bepalen van de inzetstrategie.
Snel schakelen
De eerste melding van woensdag komt binnen als Wilbert net in een video-opname zit. Hierdoor kan hij niet weg. Een collega van hem rijdt naar de Veluwe. Daarna volgen de inzetten zich in hoog tempo op, soms zelfs gelijktijdig. Nog terwijl de ene inzet loopt, dient de volgende zich al aan. Wilbert organiseert op afstand de aflossingen en restdekking binnen de landelijke teams digitale verkenningen. “Je werkt continu met schaarste,” zegt Wilbert. “Teams mogen niet uitgeput raken, dus je moet plannen, aflossen en tegelijkertijd het overzicht bewaren.”

Samenwerken over grenzen heen
In Weert komt alles samen. Martijn lost het Groningse droneteam af. “Wilbert en ik zitten in een inzet met internationale ondersteuning. Belgische teams helpen via ‘burenhulp’ en ook Franse en Duitse collega’s zijn aanwezig, in het kader van Host Nation Support (internationale bijstand bij grootschalige incidenten). De Franse en de Duitse brandweer beschikken over voertuigen die geschikt zijn voor het lastig begaanbare defensieterrein”, vertelt Wilbert. “De Fransen hebben hun eigen droneteam bij zich. Dan moet je afspraken maken over wie waar vliegt, en dat met een taalbarrière.” Ter plaatse hebben we een extra uitdaging: de brand woedt vlak naast Kempen Airport. Het luchtruim blijft in gebruik, dus elke vlucht vraagt afstemming over vlieghoogtes en -zones, ook met Belgische luchtverkeersleiding. Wilbert doet de coördinatie op de achtergrond.
Werken onder druk
Op de laatste inzetdag in Weert ligt de nadruk op het verwijderen van brandstof door de handcrew Zuid-Nederland. De omstandigheden maken het werk complex. “De wind draait voortdurend en het weer is onstuimig”, vertelt Martijn. “Vuurhaarden laaien metershoog op vanuit de grond. Door onweer en regen moeten we ons werk onderbreken en later hervatten.” Wilbert neemt die dag de rol van teamleider in het veld op zich en stemt af met het CoPI.”

Samen geflikt
Pas op zondag keert voor Martijn de rust terug. “Toen kon mijn stukje vlees eindelijk op de barbecue”, lacht hij. Voor Wilbert gaat het werk nog even door met de nafase. Ondanks de vermoeidheid overheerst bij hem trots. “Dit is waar je het voor doet,” zegt Wilbert. “Als de rooie haan kraait, werkt iedereen dezelfde kant op. We hebben het mooi samen geflikt.”